Provinciaal Domein Puyenbroeck vangt zevenhonderd geëvacueerden op

'AWARE' project

Voor, tijdens en na een ramp is communicatie van zeer groot belang. Zo zijn inwoners zich beter bewust van mogelijke risico's, zijn ze minder kwetsbaar en weten ze beter hoe te handelen. Rampen stoppen echter niet bij de grens en dus mag rampenbestrijding daar ook niet ophouden. In april 2005 is het Europese project 'AWARE' van start gegaan. Deelnemers van provincies, gemeenten en hulpdiensten afkomstig uit Nederland, België, Litouwen, Groot-Brittannië, Roemenië, Hongarije en Rusland werken hierbij samen. De provincie Zeeland is trekker van dit project dat tot doel heeft regionale en grensoverschrijdende rampenbestrijding te verbeteren.

De ramp

Op 28 november 2007 werd in het kader van dit project een grootschalige evacuatieoefening georganiseerd. In Terneuzen stond de oefening in het teken van evacuatie door overstromingen. Gezien de klimaatveranderingen, zoals die nu worden geschetst, moet Nederland rekening houden met toenemende risico' s ten aanzien van overstroming. Er deed zich een probleem voor met de sluis in de Otheense kreek en er was hoge waterstand. Er dreigde overstromingsgevaar.

Terzelfdertijd sloeg in Zelzate de bliksem in op een installatie van het bedrijf VFT dat een SEVESO/BRZO-bedrijf is. Er ontsnapten meteen gevaarlijke gassen. Het alarm werd om 8 uur gegeven in de fabriek. Terwijl de bedrijfsbrandweer begon te blussen kwam ook de Zelzaatse brandweer toegesneld en bracht het alarmplan in gang.

De oefening: Evacueren kan je leren

Een zevenhonderdtal personen, burgers uit de wijken Klein Rusland in Zelzate en Othene in Terneuzen, aangevuld met een aantal vrijwilligers, werden overgebracht naar het Provinciaal Domein Puyenbroeck waar de sporthal als opvangcentrum werd ingericht. Alle geëvacueerden werden geregistreerd bij het binnenkomen en bij het buitengaan. De slachtoffers werden opgevangen door hulpverleners van het Rode Kruis, de civiele bescherming, de dienst Slachtofferhulp van de politie en medewerkers voor psycho-sociale hulpverlening. Er werd gezorgd voor eten en drinken en voor animatie voor de kinderen.

Om 15 uur werd de oefening afgeblazen.

Leren door te doen

Er werden ongeveer 250 Belgische hulpverleners ingeschakeld om deze rampoefening tot een goed einde te brengen: brandweer, lokale en federale politie, medewerkers van de civiele bescherming en van het Rode Kruis, militairen, medici en paramedici...

Deze oefening werd sinds geruime tijd grondig voorbereid door de diverse betrokkenen om tot een efficiënte en effectieve samenwerking te komen. Op 28 november werden de afspraken in een oefenomgeving dan ook concreet toegepast.

Gouverneur Denys die de oefening de ganse dag op het veld volgde, samen met Commissaris van de Koningin Karla Peijs, noemde deze uniek door haar grootschaligheid, het grensoverschrijdende karakter en door de combinatie van de verschillende disciplines.

Waar nog knelpunten zitten, en waar nog moet aan gesleuteld worden zal duidelijk blijken tijdens de nabesprekingen.

Contact Sitemap